Het Koninkrijk van God

Het evangelie in vogelvlucht

Evangelie betekent „goede boodschap“. Letterlijk betekent het „een boodschap door engelen verkondigd“. Ondanks dat er in algemeen vele boodschappen zijn, die goed nieuws betekenen, is er Bijbels gezien maar één boodschap die „goed nieuws“ is. Over die Bijbelse boodschap gaat het op deze website Het Koninkrijk Gods.

De belofte

God lost met het realiseren van het Koninkrijk een belofte in. Je zou dus kunnen zeggen dat het goede nieuws is dat God Zijn woord gestand doet. In Genesis 1:26 kunnen we lezen wat het plan is. Het plan is het tot stand brengen van een mens naar Zijn beeld en naar Zijn gelijkenis: „opdat zij heersen over de vissen der zee en over het gevogelte des hemels en over het vee en over de gehele aarde en over al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt“.  

Dat is dus het plan; een mens die als God heerst over een gedeelte van de levende schepping. In Genesis 1:27 schept God concreet die mens, maar uit Genesis 1:28 kunnen we herleiden, dat het tot stand brengen van het uiteindelijke resultaat enige tijd in beslag zal nemen: „En God zegende hen en God zeide tot hen: Weest vruchtbaar en wordt talrijk; vervult de aarde en onderwerpt haar, heerst over de vissen der zee en over het gevogelte des hemels en over al het gedierte, dat op de aarde kruipt“. 

In deze verzen wordt dus duidelijk: wat het uiteindelijke doel van God is en op welke wijze dat doel uiteindelijk wordt bereikt. Maar we kunnen nog een ander essentieel punt onderscheiden: dat God de mens Zijn zegen meegaf. Later in het verhaal in Genesis kunnen we echter lezen, dat de mens het doel wil bereiken zonder de zegen van God. En dat heeft tot gevolg dat de aarde vervuld wordt met niet-gezegende mensen, die niet in staat zijn de aarde te onderwerpen en dus ook niet kunnen heersen.

De Goddelijke mens

De belofte, die God doet in Genesis 1:26 staat dus open tot het moment dat die Goddelijke mens tot stand is gebracht (is gemaakt). Adam (inclusief Eva) was die mens niet, want zij hebben de zegen van God afgewezen. Daardoor kon een vloek zich  doorzetten in alle mensen die uit Adam zijn voortgekomen. Door die vloek komt de mens niet aan heersen toe en is de schepping aan de vergankelijkheid (sterfelijkheid; er komt een einde aan!) onderworpen. Met die vergankelijkheid wordt de mens dagelijks geconfronteerd. Maar ook met het feit, dat de mens zelf niet in staat is, iets aan die neerwaartse spiraal te veranderen.

Zolang de Goddelijke mens niet was ‘gemaakt’ was het woord, dat God vóór de schepping van de mens had gesproken, nog niet vervuld. Anders gezegd: Het woord van God was, naar de mens gesproken, nog geen waarheid.  Dit is een heel belangrijk punt, want een God die de waarheid niet spreekt, is ongeloofwaardig en dus geen God. Dit verklaart de houding van de niet-gezegende mens ten opzichte van God, maar daarover later meer. 

De mens - en dus de schepping - is onder een vloek geraakt tot het moment dat de Goddelijke mens is gemaakt. Op het moment dat Hij verschijnt, wordt de vloek opgeheven en kan met het herstelproces een begin worden gemaakt. Als de Goddelijke mens wordt geopenbaard, draagt Hij de zegen van God en kan Hij vruchtbaar zijn en nageslacht voortbrengen. Hij en Zijn nakomelingen kunnen de aarde vervullen, haar onderwerpen, haar herstellen en vervolgens heersen. De schepping zelf, verlangt hartstochtelijk naar dat moment.

Die Goddelijke mens, geschapen naar Gods beeld en Gods gelijkenis is Jezus Christus. Dus in Jezus Christus wordt God uiteindelijk als God verheerlijkt; Gods woord is waarheid geworden.

Het evangelie van het Koninkrijk is dus uiteindelijk het woord dat God spreekt in Genesis 1:26. Daarom is de geloofwaardigheid van alles dat God verder spreekt afhankelijk van de totstandkoming van dat eerste woord. We kunnen zeggen, dat Jezus Christus het enige vleesgeworden woord van God is. Aan Hem ontleent heel de Bijbel (als getuigenis van Gods handelen en spreken) geloofwaardigheid en gezag.

Twee tijdperken

Vanuit de Bijbel gezien, zijn er twee perioden in de geschiedenis van de schepping aan te wijzen. De eerste is de periode vóór de komst van Christus en de tweede is de periode ná de komst van Christus. De reden hiervoor is, dat met de komst van Christus het woord, dat God spreekt aan het begin van de schepping, pas realiteit - of vervuld is. Met Christus krijgt de schepping haar uiteindelijke invulling. Met andere woorden: zonder Christus is de schepping nog niet af of voltooid.

De periode vóór de geboorte van Jezus Christus werd gekenmerkt door verwachting; alle profetie onder het oude verbond stond in het teken van de komst van de, al in Genesis aangekondigde, Goddelijke mens . Tijdens het optreden van die Goddelijke mens in Israël kreeg de profetie dus al een andere verwachting. Vóór zijn komst was het onderwerp de komst zelf; ná zijn komst werd het onderwerp de realisatie van het Koninkrijk van God. We zouden dus kunnen zeggen, dat met de voltooing van de schepping, nu een start gemaakt kon worden met de uitwerking van de belofte. 

Samenvatting en conclusie 

  • Gods algehele plan met mens en schepping is de realisatie van het Koninkrijk van God of het Koninkrijk der hemelen, 
  • de scheppingsdaden van God (zie Genesis hoofdstuk 1) zijn voltooid, wanneer met de bouw van dat Koninkrijk wordt begonnen, 
  • met de bouw van het Koninkrijk werd begonnen toen de Goddelijke mens, de Koning van het Koninkrijk, zijn plaats had ingenomen, 
  • de tijd van voorbereiding betreft de periode vóór de komst van Christus, 
  • de tijd van realisatie betreft de periode ná de komst van Christus. 

Uiteraard valt nog veel te zeggen over het Koninkrijk van God. Dat wil ik echter doen in de Blog. Deze link verwijst naar alle berichten. In het blog-overzicht zelf kunt u berichten groeperen op ‘tag’.

Eventuele vragen of opmerkingen, die u heeft naar aanleiding van deze ‘vogelvlucht’, kunt u stellen via het formulier hier. Wellicht is uw vraag en/of opmerking een passend onderwerp voor een overdenking. Op die manier kunt u meehelpen met het ontwikkelen van deze website.